Schadebegroting Belemmeringenwet Privaatrecht in Harnaschpolder

Tussenvonnis. Zoveel mogelijk concrete schadeberekening; voordeelsverrekening.

De kantonrechter heeft in zijn tussenvonnis van 5 augustus 2021 op voorstel van partijen ir. S.C.H. van den Berg, mr. S.G. van Hoogmoed en mr. J.R. Vermeulen tot deskundigen benoemd.

In dit tussenvonnis neemt de rechtbank een groot deel van de bevindingen van de deskundigen over, waaronder de uitgangspunten van een zoveel mogelijk concrete schadeberekening, het verrekenen van de voordelen van het vervallen van de 150 kV-verbinding en de gemiddelde marktconforme grondprijs.

Anders dan de deskundigen is de rechtbank van oordeel dat 25% van de kosten voor amotie van de woningen aan de Harnaskade voor vergoeding in aanmerking komt. De rechtbank is voornemens de deskundigen op dit punt om een aanvullend advies te vragen; partijen mogen zich over dit voornemen uitlaten.

Ten aanzien van de schade vanwege de niet gerealiseerde uitgifte van grond volgt de rechtbank de deskundigen niet op het punt van de aftrek voor het rendabel exploiteren van DHG-fase2; de rechtbank overweegt om de deskundigen te vragen een nieuwe berekening op andere uitgangspunten te maken. Ook acht de rechtbank het debat over de watercompensatie en de verrekening daarvan onvoldragen. Over beide punten kunnen partijen zich eerst nog uitlaten.

Verder is de rechtbank van oordeel dat bij het vervallen van de 150 kV-verbinding geen 30.000 m2 maar 25.000 m2 uitgeefbare grond vrijkwam, zodat het te verrekenen voordeel navenant lager uitvalt. Ook gaat de rechtbank uit van een andere peildatum vanaf welk moment het voordeel genoten is.

Rechtbank Den Haag 24-12/25 inzake Bedrijvenschap Harnaschpolder/TenneT (ECLI:NL:RBDHA:2025:27718)

Noot: Vast staat verder dat de komst van de 380 kV-verbinding beperkingen meebracht voor de percelen waarop zij werd geplaatst. Aan weerszijden van het hart van de leiding gelden voor een strook grond van 27 meter breed (dus 54 meter in totaal) bouwbeperkingen die er zonder de 380 kV-verbinding en de gedoogplicht niet zouden gelden; op deze strook mag ook slechts in overleg met de leidingbeheerder worden gebouwd. In de magneetveldzone van 50 meter aan weerszijden van het hart van de leiding (dus een strook van 100 meter breed in totaal) zijn gevoelige bestemmingen niet toegestaan. De komst van de 380 kV-verbinding met bijbehorende gedoogplicht had dus tot gevolg dat een strook grond op de percelen van het Bedrijvenschap minder flexibel was in te richten.