Zoals volgt uit het tussenvonnis van de rechtbank van 16 april 2025, zal de rechtbank bij het schatten van de schadevergoeding de waardevermeerdering van de woning van en als gevolg van het herstel van de fundering in mindering brengen op de herstelkosten.
Het te verrekenen voordeel: de rechtbank houdt rekening mee dat [koper] niet om dat voordeel heeft gevraagd – hij kan immers niet kiezen voor gedeeltelijk funderingsherstel – en dat koper] ook niet zeker is of hij het voordeel ook echt kan verzilveren. Gesteld noch gebleken is voorts dat [koper] direct een voordeel heeft van de vernieuwde fundering. Daarom zal een beperkt percentage worden toegepast. De rechtbank acht gelet op alle omstandigheden in redelijkheid een percentage van 20 % passend. Dit percentage zal worden toegepast op de nader vast te stellen kosten van funderingsherstel, zonder de kosten voor herinrichting, verhuizing en dergelijke.
Rechtbank Den Haag 22-04/26 (ECLI:NL:RBDHA:2026:9848)
Noot: Bij het tussenvonnis van 21 januari 2026 heeft de rechtbank laten weten dat zij bij het schatten van de schade van aansluiting zou zoeken bij het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 16 juli 2014 (ECLI:NL:RBAMS:2014:4948); in dat vonnis staan overwegingen over schadeherstel en voordelen.