Grondspeculatie: oneerlijke handelspraktijk

Vastgoed Neder-land (verkoper) hield zich bezig met de handel in percelen (landbouw)grond. Zij kocht percelen grond, die – in kleinere kavels gesplitst – werden doorverkocht. Daarbij werd gespeculeerd op een waardestijging van de grond als de bestemming daarvan wijzigt.

Op 8 maart 2022 zijn [eiser] en Vastgoed Neder-land een koopovereenkomst aangegaan. Daarbij heeft [eiser] van Vastgoed Neder-land gekocht een gedeelte – groot 65 m2 – van het perceel kadastraal bekend als gemeente Nieuwerkerk aan den IJssel, sectie D, nummer 2618. De koopprijs bedroeg € 14.950,00. Het kadastrale perceel waarvan het gekochte onderdeel uitmaakt, is opgesplitst in tientallen kleine percelen. Het door [eiser] gekochte stuk grond (hierna: het perceel) ligt te midden van die percelen.

Oordeel:

De kantonrechter is van oordeel dat [eiser] als een consument in de zin van artikel 6:193a lid 1 sub a BW heeft gehandeld, te weten een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. [eiser] was ten tijde van de aankoop van de percelen met pensioen en heeft verklaard dat hij het perceel heeft gekocht, omdat hij (een deel van) zijn vermogen wilde beleggen in grond.

Artikel 6:193b lid 1 BW bepaalt dat een handelaar onrechtmatig handelt tegen een consument als hij een handelspraktijk verricht die oneerlijk is. Het begrip handelspraktijk is in artikel 6:193a lid 1 sub d BW omschreven als: iedere handeling, omissie, gedraging, voorstelling van zaken of commerciële communicatie, met inbegrip van reclame en marketing, van een handelaar, die rechtstreeks verband houdt met de verkoopbevordering, verkoop of levering van een product aan consumenten.

Artikel 6:193b lid 2 BW geeft aan wanneer een handelspraktijk oneerlijk is.

De kantonrechter is van oordeel dat Vastgoed Neder-land zich heeft bediend van een misleidende handelspraktijk. [eiser] heeft de overeenkomst daarom terecht vernietigd.

Vastgoed Neder-land is een professionele partij op het gebied van de handel in speculatieve (landbouw)grond. Zij beschikte ten tijde van het aangaan van de koopovereenkomst over alle relevante informatie over de verkochte percelen. Bij de mondelinge behandeling heeft zij bevestigd dat zij al ruim voor het aangaan van de overeenkomst wist dat het besluit van de gemeente over het Vijfde dorp geen woningbouw mogelijk zou maken op het door [eiser] gekochte perceel en dat dat perceel juist onderdeel zou worden van een groenbuffer. Vastgoed Neder-land heeft deze informatie echter niet met [eiser] gedeeld.

Rechtbank Noord-Holland 10-12/25 (ECLI:NL:RBNHO:2025:14388)

Noot: een duidelijke en overzichtelijk gemotiveerde uitspraak, waarin stapsgewijs de schadevergoedingsplicht van de verkoper belicht wordt. Zie ook onze eerdere publicaties grondspeculatie, waaronder dit artikel.