Didam: uitgifte pachtgronden – gemeente gebonden aan eigen uitgiftebeleid

De voorzieningenrechter stelt voorop dat de Gemeente bij de uitgifte van de pachtgrond moet zorgen voor gelijke kansen en transparantie voor alle geïnteresseerde partijen en dat de Gemeente met inachtneming van de haar toekomende beleidsruimte selectiecriteria dient op te stellen die objectief, toetsbaar en redelijk zijn. De vraag die in dit geding moet worden beantwoord is of de Gemeente dat heeft gedaan met de bepaling dat bij meerdere inschrijvers en gelijke score aangrenzende grondeigenaren voorrang hebben.

Gepubliceerd beleid gemeente: Bij meerdere inschrijvers en gelijke score hebbende aangrenzende grondeigenaren voorrang. Dit mede om verkeersbewegingen te beperken.

Inschrijvers hebben er gelet op al het voorgaande in redelijkheid niet van kunnen uitgaan dat er alleen sprake is van aangrenzende grond, indien deze grond een kadastrale grens deelt met Pachtgrond 2 (dit was namelijk de stelling van de gemeente) . Duidelijk was dat, indien er enkel een weg van de gemeente loopt tussen twee agrarische percelen, er ook sprake is van aangrenzende grond. De voorzieningenrechter acht de bewoordingen niet voor meerderlei uitleg vatbaar, maar alleen voor de uitleg die [eiseres] hieraan hebben gegeven, zoals vermeld onder 4.5, mede gelet op de context. Op die wijze uitgelegd is het gehanteerde criterium objectief, toetsbaar en redelijk.

Verbod op sluiten overeenkomst met derde en gebod op sluiten overeenkomst met eiseres (als de Gemeente de overeenkomst wil sluiten).

Rechtbank Den haag 12-05/26 inzake Leiderdorp (ECLI:NL:RBDHA:2026:12962)