Zonder aanmaning overhangende takken gesnoeid. Omvang van de schade. Het hof stelt voorop dat de zes bomen van [appellanten] waar het in deze procedure om gaat, pal naast de erfgrens staan. De takken van de bomen hingen ver over boven het perceel van [geïntimeerde] . Het hof gaat er dan ook van uit dat als [geïntimeerde] destijds van [appellanten] verlangd had dat de overhangende takken gesnoeid werden, [appellanten] die takken in elk geval in enige mate hadden moeten inkorten, althans zijtakken van die overhangende takken hadden moeten wegnemen (vgl. artikel 5:44 lid 1 BW).
Om een verschil en schade vast te kunnen stellen tussen de uitgevoerde snoei en een snoei door [appellanten] na een voorafgaande aanmaning, wordt een naar redelijkheid te verlangen snoeibeeld omschreven. Dit snoeibeeld is gebaseerd op boomtechnisch verantwoorde snoei, gangbaar in de boomverzorging, rekening houdend met de boomsoort en leeftijd.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22-09/26 (ECLI:NL:GHARL:2026:6102)
Noot: 5:44 BW
1.Indien een nabuur wiens beplantingen over eens anders erf heenhangen, ondanks aanmaning van de eigenaar van dit erf, nalaat het overhangende te verwijderen, kan laatstgenoemde eigenaar eigenmachtig het overhangende wegsnijden en zich toeëigenen.
2. Degene op wiens erf wortels van een ander erf doorschieten, mag deze voor zover ze doorgeschoten zijn weghakken en zich toeëigenen.