Onteigening huurder

Aanleg (tijdelijke) weg op voortuin verhuurde woningen. Met de eigenaar is overeenstemming bereikt. De huurders van één woning hebben het aanbod van ProRail niet aanvaard.

Dit vonnis gaat onder meer over de hoogte van de schadeloosstelling voor de huurders vanwege de onteigening van hun voortuin (12 m2). Daarvoor is een deskundige benoemd. ProRail en de Woonstichting hebben om een constructie verzocht waarbij de aan de huurders toekomende schadeloosstelling niet aan de huurders wordt betaald, maar aan de Woonstichting. Dit met de verplichting om deze bedragen naar rato aan de huurders te vergoeden.

De conclusie van de rechtbank is dat de Onteigeningwet niet voorziet in de voorgestelde constructie. De schadeloosstelling wordt vastgesteld op € 4.700,00.

De huurders moeten een deel van het voorschot terugbetalen.

ProRail moet meer dan € 20.000,00 aan kosten betalen. Daarvan is bijna € 9.600,00 voor de benoemde deskundige, het restant betreft juridische bijstand van de Woonstichting.

Volgens de deskundige bestaat de schade van [A] en [B] uit deze componenten:

  1. verlies van het genot van de voortuin; berekend via “huurpunten” en verdisconteerd in schade-onderdeel b.
  2. aantasting van het woongenot als gevolg van de aanwezigheid en het gebruik van de tijdelijke weg op het onteigende; berekend via 10% huurprijs met factor 5,2 (schijnbaar terug rekening van 6 jaar tijdelijk gebruik) en vervolgens teruggerekend naar de peildatum.
  3. kosten van herinrichting van de voortuin.

Alles over een periode van zes jaar te rekenen vanaf januari 2026.

Rechtbank Oost-Brabant 08-04/26 inzake Prorail (ECLI:NL:RBOBR:2026:2233)

Noot: zie rechtspraak (het Witte paard-arrest, na 2003 ook voor gehuurde woonruimte) artikel 42 Onteigeningswet. Zie artikel 15.28 Omgevingswet.