Mededelingsplicht: megastal komt er achteraf niet

Schadegrondslag:

Uitgangspunt in cassatie is dat [eisers = kopers], als [verweerders = verkopers] aan hun mededelingsplicht ter zake van de aan [A] verstrekte vergunningen (ten behoeve megastal) zouden hebben voldaan, de woning destijds ook zouden hebben gekocht, maar daarvoor een lagere prijs zouden hebben betaald. Gelet hierop geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting het oordeel van het hof dat uit de onrechtmatige daad (schending van de mededelingsplicht) – naar inmiddels is gebleken – geen wijziging ten nadele voor [eisers] is voortgevloeid omdat de megastal niet zal worden gerealiseerd, en [eisers] destijds dus hebben betaald voor wat zij nu in handen hebben. Met dit oordeel gaat het hof voorbij aan zijn uitgangspunt dat in de hypothetische situatie waarin [verweerders] aan hun mededelingsplicht zouden hebben voldaan, [eisers] de woning voor een lagere prijs zouden hebben gekocht (waarna de latere waardestijging doordat de megastal uiteindelijk niet is gerealiseerd aan hen zou zijn toegekomen).

Uit dit uitgangspunt volgt dat [eisers] schade hebben geleden doordat zij destijds, toen niet bekend was dat de megastal niet zou worden gerealiseerd en de vergunningen voor de megastal wel waren verleend zonder dat [eisers] daarover door [verweerders] waren geïnformeerd, te veel voor de woning hebben betaald.

HR 06-02/26 (ECLI:NL:HR:2026:199)

Noot: de schade is er hier dus wel, want als kopers destijds bekend waren met vergunningen megastal dan hadden zij destijds een lagere koopsom betaald. En als achteraf blijkt dat megastal niet gebouwd werd, dan was die waardestijging toegekomen aan kopers.