Gemeente mag weigeren toestemming te verlenen aan verzoeker voor de overdracht van een opstalrecht

vrijdag, 31 juli 2020

Op grond van artikel 5:91 BW kan in een akte van vestiging worden bepaald

dat de erfpacht niet zonder toestemming van de eigenaar kan worden overgedragen of toebedeeld. De bedoeling is blijkens de parlementaire geschiedenis om het gemeenten mogelijk te maken enige invloed uit te oefenen op de persoon van de verkrijger, waarbij gemeenten aan de toestemming tot overdracht voorwaarden mogen verbinden, bijvoorbeeld omtrent de wijze waarop de in erfpacht uitgegeven grond moet worden gebruikt (Parl. Gesch. BW Boek 5 1981, p. 312 en 314 (nr. 2)).

Op grond van artikel 5:91 lid 4 BW kan – indien de eigenaar de vereiste toestemming zonder redelijke gronden weigert of zich niet verklaart – zijn toestemming op verzoek van degene die haar behoeft, worden vervangen door een machtiging van de kantonrechter van de rechtbank van het arrondissement waarin de zaak of het grootste deel daarvan is gelegen.

Tussen partijen is het uitgangspunt dat de erfpachter zijn recht in beginsel kan overdragen niet in geschil. De gemeente heeft gebruik gemaakt van haar in de wet gegeven bevoegdheid om in de akte te bepalen dat voor een dergelijke overdracht haar toestemming nodig is. Tevens staat vast dat de gemeente niet wil instemmen met de overdracht van het opstalrecht en evenmin bereid is toestemming te geven voor het vestigen van een hypotheekrecht op het pand.

De kantonrechter is van oordeel dat de gemeente op grond van de specifieke omstandigheden van het geval, in het bijzonder gelegen in de persoon van [betrokkene 3] en het beoogde gebruik van het pand, in redelijkheid de verlangde toestemming heeft mogen weigeren. Daartoe is het volgende redengevend.

In dat verband weegt de kantonrechter mee dat al een aantal jaren in het pand een nachtclub wordt geëxploiteerd, waar zich in het (recente) verleden regelmatig incidenten voordoen die (tijdelijke) sluiting tot gevolg hebben (gehad). [betrokkene 3] , de beoogd opvolgend opstalhouder, is in het verleden mede-exploitant geweest van Club Magnum en in die periode (in 2015) is de nachtclub voor onbepaalde tijd gesloten op grond van de Wet Bibob. De op naam van [betrokkene 3] verstrekte horecavergunning is toen op grond van voornoemde wet ingetrokken.

Rechtbank Den Haag 23-06/20 inzake gemeente Zoetermeer; ECLI:NL:RBDHA:2020:5990